Um die Webseite optimal gestalten und Ihnen an Ihre Interessen angepasste, nutzungsbasierte Informationen zukommen lassen zu können, verwendet Daimler Cookies. Mit der Nutzung der Webseite stimmen Sie der Verwendung von Cookies zu. > Weitere Informationen erhalten Sie in den Cookie-Hinweisen.

Aannemen
  • Sprinter
  • Bestelwagen
  • 12/2021
app store google play
X

Printen
Werking van het ESP® (elektronisch stabiliteitsprogramma)
WAARSCHUWING Slipgevaar door een storing in het ESP®

Als het ESP® is uitgeschakeld, wordt de auto niet door het ESP® gestabiliseerd. Bovendien zijn verdere rijveiligheidssystemen uitgeschakeld.

Voorzichtig verder rijden.
Het ESP® bij een gekwalificeerde werkplaats laten controleren.
WAARSCHUWING Slipgevaar door uitgeschakeld ESP®

Als het ESP® wordt uitgeschakeld, zorgt het ESP® niet meer voor stabilisatie van de auto.

Het ESP® alleen uitschakelen, zolang de hieronder beschreven situaties zich voordoen.

Wanneer de ondergrond dit vereist, het ESP® bij het wegrijden kortstondig uitschakelen meer.

Het voertuig niet op een rollentestbank testen (bijvoorbeeld voor een controle van het vermogen). Wanneer u het voertuig op een rollentestbank wilt laten testen, eerst informatie inwinnen bij een gekwalificeerde werkplaats.

Wanneer bij voertuigen met vierwielaandrijving de vierwielaandrijving wordt in- of uitgeschakeld, wordt het ESP® tijdens de schakelmanoeuvre automatisch uitgeschakeld.

Wanneer het ESP® een storing vertoont of uitgeschakeld is, brandt het waarschuwingslampje bij ingeschakeld voertuig en kan het motorvermogen gereduceerd zijn meer.

Alleen wielen met de aanbevolen bandenmaten monteren. Alleen dan kan het ESP® naar behoren functioneren.

Het ESP® kan, binnen de natuurkundige grenzen, de rijstabiliteit en de tractie in de volgende situaties bewaken en verbeteren:
  • Bij het wegrijden op een natte of gladde rijbaan

  • Bij het remmen

  • Bij sterke zijwind, wanneer sneller dan 80 km/h wordt gereden

Wanneer het voertuig afwijkt van de door de chauffeur gewenste koers, kan het ESP® het voertuig door de volgende ingrepen stabiliseren:
  • Een of meerdere wielen worden doelgericht afgeremd.

  • Het vermogen van het aandrijfsysteem wordt afhankelijk van de situatie aangepast.

Wanneer het ESP® door de chauffeur uitgeschakeld is, brandt het waarschuwingslampje in het combi-instrument permanent:
  • De rijstabilisering vindt vertraagd plaats.

  • De zijwindassistent blijft actief.

  • De wielen kunnen doordraaien.

  • De tractieregeling ASR is niet meer actief.

Wanneer het ESP® door de chauffeur uitgeschakeld is, ondersteunt het ESP® nog steeds bij het remmen.

Wanneer het waarschuwingslampje in het combi-instrument knippert, hebben een of meerdere wielen hun slipgrens bereikt:
  • De rijstijl aan de actuele verkeers- en weersomstandigheden aanpassen.

  • Het ESP® in geen geval uitschakelen.